De natuur in of toch all-inclusive naar Spanje?

Afgelopen week vond in Berlijn de ITB Berlin 2026 plaats. De ITB Berlin (Internationale Tourismus-Börse) is de grootste en belangrijkste vakbeurs voor de wereldwijde reis- en toerisme-industrie. De beurs vindt jaarlijks plaats in maart in Berlijn en dient als het centrale zakelijke platform (B2B) waar de volledige internationale reissector samenkomt om te netwerken en contracten te sluiten. Redelijk wat reisprofessionals uit de hele wereld waren daar aanwezig, hoewel de toestanden in het Midden-Oosten wel voor de nodige absenties gezorgd hebben. Onder de naar schatting 100.00 vakbezoekers zaten reisjournalisten en bloggers, die natuurlijk achteraf de nodige content moesten produceren.

Babette Wieringa van de Telegraaf koos voor een insteek die je de laatste jaren wel vaker ziet. Haar artikel kopt “Inwoners én toeristen zijn klaar met de rolkoffers en het massatoerisme”. Ik heb het artikel gelezen en kan me er wel in vinden dat de plekken die druk bezocht worden, de laatste twee jaar te maken hebben met een flinke toename in het aantal toeristen. Sommige bestemmingen zijn zo populair als vakantiebestemming, dat ze lijken te bezwijken onder de drukte. Daar is niemand bij gebaat. Het moet dus anders. De vraag is of we inderdaad – zoals in de Telegraaf zaterdag stond – vooral de natuur op moeten gaan zoeken.

Als je het aan mij vraagt, dan hoop ik dat de lezers van dat artikel nu net massaal op reis gaan naar de laatste verborgen parels, voor zover je daar nog van mag spreken. Je kunt heel wat vinden van massatoerisme, maar plekken zoals Playa del Inglés, Marbella en Antalya zijn daar wel op ingericht. Ik vraag mezelf sowieso af of iemand die normaal gesproken all-inclusive vakanties in Spanje viert, nu ineens de wouden van Roemenië gaat ontdekken of gaat kamperen in een rustig natuurgebied in het noorden van Zweden.

Mensen zijn en blijven gewoontedieren. Hoe en waar we op vakantie gaan, is wel aan verandering onderhavig. Maar het is echt niet zo dat we massaal de natuur op gaan zoeken, omdat de media schrijven dat we klaar zijn met het massatoerisme. Vaak wordt er gekozen voor wat men al kent of waar de voorkeur ligt. Het budget speelt natuurlijk ook een rol. Niet iedereen kan het zichzelf veroorloven om honderden euro’s per nacht neer te tellen voor overnachting in een exclusief sterrenhotel in Fins Lapland. En vaak is het ook niet wat de mensen willen. Voor het merendeel van de Nederlandse toeristen is het aanbod wat je bij de grote reisorganisaties aantreft voldoende om de jaarlijkse zomervakantie te kunnen boeken.

Uiteindelijk zal het gros van de toeristen in 2026 gewoon weer in het vliegtuig en in de auto stappen, om vooral te reizen naar de top 100 vakantiebestemmingen die jaarlijks vrijwel onveranderd blijft, tenzij geopolitieke situaties een rol gaan spelen of er een crisis uitbreekt. Dus vooral kamperen aan het Gardameer, wandelen in Tirol, all-inclusive aan de Turkse kust en vliegvakanties naar zonnige oorden zoals Curaçao en de Canarische Eilanden.

Wat gaat er voor het zomerseizoen van 2026 wel veranderen op het gebied van vakantie vieren? Op korte termijn zullen er weinig vakanties naar en vluchten via het Midden-Oosten geboekt worden. Er zal meer met A.I. gewerkt worden om reisonderdelen samen te stellen en misschien zelfs te boeken. De topbestemmingen zullen wat vaker vermeden worden. Niet omdat men daar niet naartoe wil reizen, maar simpelweg doordat vraag en aanbod niet meer in balans zijn. Beschikbaarheid tijdens de drukste maanden is te klein, wat de prijzen enorm doet stijgen.

Ik geloof eerder dat men korter op vakantie gaat (krimpflatie) voor hetzelfde geld, de vakantie naar een goedkopere periode verschuift of dat men voor een beetje minder comfort gaat qua accommodatie, in plaats dat men ineens andere vakanties gaat boeken.